Door de komst van Ella werd ik ook gelukkig op werkgebied

Het was de dag van mijn 31e verjaardag dat ik positief testte. Mijn vriend kwam thuis en keek mij wat onwerkelijk aan. Huh, betekent dit dat we nu al…..Jup, dat betekent het inderdaad. We waren net twee maanden bezig en ik was al zwanger, een enorme luxe maar ook heel onwerkelijk.

Op het moment dat ik zwanger werd, werkte ik al 5 jaar bij hetzelfde bedrijf als bouwkundig adviseur. Een stressvolle baan, waar ik eigenlijk nooit met plezier naartoe ging. We waren net voordat ik zwanger werd 5 weken op vakantie geweest. Een lange reis door Amerika, en dat was niet zonder reden. Ik moest er even uit, even loskomen van mijn werk en alle stress die ik daardoor voelde.

Ik vertelde zo’n beetje gelijk op mijn werk dat ik zwanger was. Mijn baas feliciteerde mij en we gingen over tot de orde van de dag. Ik werkte ondanks wat kleine zwangerschapskwaaltjes gewoon door tijdens mijn zwangerschap. Ik was wel ontzettend moe. Al jaren liep ik op mijn werk op mijn tandvlees en dus keek ik erg uit naar mijn verlof.

Mijn zwangerschap verliep zonder problemen.

Het onwerkelijke gevoel, van dat kindje dat in mij groeide, dat bleef. Waar je meestal hoort en leest van andere aanstaande moeders dat ze gelijk al een enorme band voelen met hun ongeboren kindje en genieten van elk trapje, ervaarde ik mijn zwangerschap helemaal niet zo. Ik vond het alleen maar heel onwerkelijk dat er een klein mensje in mij groeide. Onze dochter was bovendien een drukke buikbaby die mijn ribben regelmatig hard wist te raken. Auw!

Ik maakte mezelf daar niet echt druk over en dacht dat mijn gevoel wel zou veranderen als ik eenmaal zou zijn bevallen, maar dat gebeurde niet. Na een zwangerschap van bijna 42 weken en een bevalling van ruim 24 uur werd ze op mijn buik werd gelegd. Een flinke dame van 4400 gram, roze en mollig. Score 10!

Natuurlijk was ik blij, maar de opluchting overheerste. Ik weet nog goed dat ik alleen maar hardop bleef herhalen hoe blij ik was dat het erop zat. Nadat ik wat was bekomen, voorzien van hechtingen, had gedoucht en gegeten mochten we s ’middags al naar huis. Met dat nieuwe mensje, onze kerngezonde dochter, in de Maxi-Cosi.

De eerste uren sliep dochterlief vooral, compleet uitgeput van de beproeving. Die bevalling was voor mij niet leuk, maar voor een kind is het ook niet niks om je door zo’n nauw geboortekanaal te wurmen.  Ze sliep bij mij, bij papa, bij opa en oma. Ik was vooral nog bezig met het verwerken van wat mij zojuist allemaal was overkomen en gaf onze dochter zonder problemen af aan de opa’s en oma’s. Na een drukke dag was het tijd om te gaan slapen.

In die eerste nacht werden we pas echt ouders.

Onze dochter begon met huilen en stopte niet meer. Borst, luier, boertje, borst, luier, boertje. De hele nacht. We probeerde alles wat we wisten, niets hielp. Het machteloze gevoel, dat je dan hebt als ouders, is onbeschrijfelijk en totaal nieuw voor ons.

Na een nacht zonder slaap stond om 8.00 onze reddende engel op de stoep. De kraamverzorgster Rita, wat een topvrouw. Eerlijk gezegd had ik het zonder haar allemaal niet gered. Ik vertelde in tranen over onze nacht. Ze luisterde, observeerde en zag wat er scheelde. Ik had nauwelijks melk, mijn kind had honger. Ik geloof niet dat ik mezelf ooit schuldiger heb gevoeld.

Na een lekkere fles melk was mijn dochter weer net zo tevreden als hoe we haar uit het ziekenhuis hadden meegenomen. In haar kleine nestje lag ze naast mij in ons grote bed. Een klein neusje, prachtig rond toetje en mooie donkere haartjes. Op dat moment viel het kwartje, dit is mijn dochter. Wat is ze mooi en lief. Ze hoort bij mij en ik zal voor altijd haar mama zijn.

Dat was het moment dat de mama in mij werd geboren.

Ik had toen nog geen idee over wat zij allemaal voor mij zou gaan betekenen in dat eerste jaar.

Tijdens mijn verlof stortte ik mezelf vol overgave in het nog nieuwe moederschap. Dat was ook wel nodig want onze dochter had zoals wel meer baby’s enorm last van verborgen reflux en darmkrampjes. Slapen deed ze overdag weinig en als ze het wel deed, dan alleen op haar buik liggend bovenop mij. De rest van de tijd liep ik tussen de voedingen rond met een huilend baby-tje. Gelukkig sliep ze s ’nachts heel goed. Dat was onze redding.

Aan mijn werk dacht ik in die maanden nauwelijks, echt heerlijk!

Tot mijn verlof was afgelopen. Het onvermijdelijke was daar en ik moest weer terug naar mijn werk. Onze dochter zou twee dagen in de week naar het kinderdagverblijf gaan en een dag per week kwam oma oppassen. Voor de rest van mijn 36-uurige contract zette ik ouderschapsverlofuren in.

Na een kort afscheid op het kinderdagverblijf stapte ik met een knoop in mijn maag in de auto naar kantoor. Ik weet nog goed hoe ik die eerste ochtend het kantoor binnenliep alsof ik nooit was weggeweest. Alles was nog precies hetzelfde, helaas.

Mijn werksituatie was voor mijn zwangerschap al allesbehalve ideaal. Het werk dat ik deed vond ik helemaal niet leuk, maar dat was het ergste nog niet. Dat was de werksfeer.

Mijn baas.

Ik noem hem geen werkgever want het was echt een baas. Een man met twee gezichten. Naar de buitenwereld toe joviaal, een gangmaker en graag gezien persoon, voor mij en mijn collega’s was hij, en dan zeg ik het subtiel, nogal moeilijk. Het bedrijf waar ik werkte was klein. Vooral vlak voor ik wegging bestond het enkel nog uit hem, een secretaresse, twee zzp’ers en ik. Collega’s zag ik in die jaren komen en gaan.

Ik zat vaak dagenlang alleen op kantoor. Ik probeerde er tevergeefs alles aan te doen om mijn werk te perfectioneren, geen fouten te maken om zo een confrontatie met mijn baas te voorkomen. Dat lukte natuurlijk niet. Iedereen maakt fouten of vergeet wel eens een leesteken in een rapport van 15 pagina’s. Bijna wekelijks zat ik huilend tegenover hem aan zijn bureau, waar ik moest luisteren naar zijn kleinerende opmerkingen. Destijds voelde ik mezelf vooral slachtoffer en totaal machteloos, nu weet ik dat ik zelf ook een aandeel had. Ik liet het al die jaren allemaal gebeuren. 

Toch bleef ik

Ik zat vast in mijn eigen overtuiging dat ik niet weg kon gaan. Ik had een goed betaalde belangrijke baan, met een vast contract in crisistijd. Ik moest niet klagen. Ook zag ik ergens het beeld van een kartonnen doos onder een brug helder voor me, niet erg aantrekkelijk. Daarnaast voelde ik mezelf enorm verantwoordelijk voor mijn projecten en het succes van het bedrijf. Alsof het mijn eigen bedrijf was. 

Nu weet ik dat ik toen vooral bang was. Bang voor die kartonnen doos, bang voor verandering, bang dat ik een foute keuze zou maken. Niet zo vreemd, want ik had geen idee wat ik zelf eigenlijk wilde doen en waar ik goed in was.

Dus bleef ik, ook na mijn verlof.

Pas toen ik op een sombere dinsdagochtend huilend in de auto zat, op weg naar mijn werk, veranderde er iets.

Ik reed de oprit van de snelweg op en ineens dacht ik: als ik nu mijn auto in de vangrail parkeer, dan hoef ik in ieder geval niet naar mijn werk. Een ongeluk zou voelen als een opluchting. Belachelijk natuurlijk en gelukkig bleef die gedachte maar even. Ik realiseerde me dat dit echt nergens op sloeg. Ik ben meer dan de slaaf van mijn baas, ik ben meer dan die rotbaan. Ik ben moeder.

Dit was niet wat ik mijn dochter wilde meegeven.

Ik besefte mezelf ineens dat ik een rolmodel was geworden voor onze dochter. Ze zag een moeder thuiskomen die gefrustreerd, verdrietig en moe was. Dan geef je maar een boodschap: werken is stom en je wordt er moe en chagrijnig van. Totaal niet wat ik haar wilde meegeven.

Het moest klaar zijn. Ik moest veranderen. Als ik het niet voor mezelf kon doen, dan toch zeker wel voor haar! Na die ene dinsdagochtend besloot ik dat het anders moest, alleen hoe?

Het voelde heel eenzaam om zo te worstelen met mezelf. Aan de ene kant had ik geen idee wat ik wilde en nul vertrouwen in waar ik goed in was, aan de andere kant wist ik een ding wel: ik moest weg waar ik zat. Alleen zou dat mij echt niet lukken. Ik had hulp nodig en via een studiegenoot kwam ik in contact met een loopbaancoach. Ik maakt een concept e-mail en, liet die vervolgens twee weken in concept in mijn mailbox staan.

Pas na een korte vakantie met zijn tweeën naar New York, waar ik door alle stress totaal niet van had genoten, klikte ik de e-mail aan en drukte op verzenden.

Ik was zo opgelucht dat ik het eindelijk niet meer alleen hoefde te doen.

In een coachtraject van een half jaar, stop ik met die vreselijke baan, ontdek wie ik zelf ben en wat ik wil en zet een nieuwe stap in mijn loopbaan. Dat schrijf ik nu zo even op, alsof het mij geen enkele moeite meer kostte, maar dat is natuurlijk onzin. Het weggaan bij mijn oude baas was een zware emotionele strijd en natuurlijk twijfelde ik toen ik op het punt stond om te kiezen voor mijn opleiding tot coach. Gedachten als kan ik dat wel en zitten ze wel op mij te wachten spookte echt nog wel door mijn hoofd, maar ze hadden mij niet langer meer onder controle.

Ik voelde aan alles dat dit was wat ik wilde, dat ik daar op dat moment gelukkig van zou worden. Het was de beste keuze die ik ooit heb gemaakt. Het voelde alsof ik voor het eerst echt voor mezelf kon kiezen.  Nu werk ik alweer een paar jaar met plezier als zelfstandig coach en help ik andere moeders die op zoek zijn naar werkgeluk en meer balans in hun leven.

Werk dat mij ontzettend veel voldoening geeft en, bijkomend voordeel, zonder schreeuwende baas. Het voelt als een heel ander leven. Waarin ik er helemaal kan zijn als moeder en het werk kan doen waar ik gelukkig van word. Een leven waarin ik steeds weer opnieuw mag kiezen voor wat bij mij past.  Allemaal dankzij onze prachtige dochter Ella!

 

 

LINDSEY

 

Bevallingsverhaal: ik durfde het aan, een vaginale stuitbevalling

Ondanks dat mijn moeder alle drie haar kinderen in stuitligging heeft gekregen had ik hier nooit zo bij stil gestaan. Tot het moment dat ik zelf zwanger werd van mijn eerste kindje, een dochter.

Al vroeg in de zwangerschap bleek mijn dochter in stuit te liggen. De verloskundige gaf aan dat dit bij deze termijn nog vaak voorkomt en dat kinderen bijna altijd vanzelf nog draaien.

Toen ons kindje met 34 weken nog niet gedraaid was besloot ik moxa therapie een kans te geven. Dit is een vorm van acupunctuur waarbij een soort wierrookstaaf gemaakt van bijvoetskruid bewogen wordt boven je kleine teen. De baby zou hierdoor gestimuleerd worden om te bewegen en zo hopelijk te draaien naar hoofdligging. Onder het mom van baat het niet dan schaadt het niet begon ik hier vol goede moed aan. Deze behandeling is geheel pijnloos en is thuis zelf uit te voeren zonder risico´s.

Toen na alle volgende echo´s bleek dat ons meisje niet van plan was om te gaan draaien werden we met 36 weken zwangerschap doorverwezen naar het ziekenhuis voor een gesprek met de gynaecoloog over het uitvoeren van een uitwendige versie.

Met een uitwendige versie kan een kind dat in stuit ligt gekeerd worden tot een hoofdligging. Dit heeft voor zowel een keizersnede als voor een vaginale bevalling altijd de minste risico´s waardoor een draaipoging altijd wordt aangeraden bij een stuitligging. De kans op slagen is gemiddeld 65% en uit onderzoek blijkt een uitwendige versie geen verhoogd risico op complicaties te geven.

Na het aanhoren van deze tekst kon ik niet anders dan instemmen met deze uitwendige versie.

En hoewel dit voor iedereen anders zal zijn vond ik de draaipoging echt een verschrikking. Een gynaecoloog en een klinisch verloskundige probeerde de baby van buitenaf te draaien door deze uit mijn bekken te wippen en zo te draaien. Al vrij snel bleek mijn meisje hartstikke vast te zitten en gaf de gynaecoloog aan dat de uitwendige versie niet zou gaan lukken. Na een half uur aan het CTG om te kijken of de baby het allemaal nog goed deed mocht ik naar huis met een stapel folders over de keuzes die je hebt voor een bevalling van een kind in stuit. De kans dat mijn meisje nog zou draaien was nihil, aldus de verloskundige. .

Ondanks dat in mijn omgeving iedereen er vanuit ging dat ik een keizersnede zou kiezen heb ik deze optie geen moment in overweging genomen. Uiteraard zou ik instemmen met een keizersnede als de gynaecoloog dit nodig achtte, maar het liefst wilde ik vaginaal bevallen. Gelukkig is mijn ziekenhuis ook een voorstander van vaginale bevallingen, tenzij medisch noodzakelijk en stonden ze geheel achter mijn keuze. Wel moest ik aan enkele voorwaarden voldoen om vaginaal te mogen bevallen. Zo mocht de baby niet te groot zijn, moest het kindje met beide benen gestrekt naar boven liggen, mocht het kindje niet dwars in de buik liggen en bovenal moest ik er zelf vertrouwen in hebben. Gelukkig bleek ik na enkele echo´s en onderzoeken aan alle eisen te voldoen en mocht ik thuis afwachten tot de bevalling zich zou aandienen.

Helaas diende de bevalling zich niet aan waardoor ik de 40 weken zwangerschap aantikte en ik onder controle van het ziekenhuis kwam te staan. Omdat de ontsluiting bij een stuitbevalling voorspoedig moet verlopen wilde het ziekenhuis liever niet inleiden en werd ervoor gekozen om af te wachten. Met de controle met 41 weken bleek uit de CTG helaas dat we niet verder mochten afwachten omdat ons dochtertje het niet meer goed leek te hebben in de buik. Wel mocht ik nog steeds vaginaal bevallen en de afspraak voor de inleiding werd gemaakt voor de volgende dag.

Na een feestmaal bij mijn ouders thuis en een heerlijk nachtje slapen stonden we de volgende ochtend om 07.00 uur op de stoep bij het ziekenhuis. Er werd een ballonnetje in mijn baarmoeder gebracht en na 12 tot 24 uur zou deze er vanzelf uitvallen. Toen wij 2 uur later ons 10e potje yahtzee aan het doen waren in de kantine van het ziekenhuis, voelde ik opeens dat het ballonnetje eruit viel. Na controle bleek ik inderdaad de vereiste 3 cm ontsluiting te hebben maar helaas kon de rest van de inleiding pas de dag erna plaatsvinden en mocht ik ook niet naar huis waardoor er toch nog vele potjes yahtzee in het ziekenhuis volgde…

De volgende morgen werd om 08.00 het infuus met weeën opwekkers gestart en na een snelle bevalling met een flinke weeënstorm werd na 5 uur onze mooie dochter geboren. Ik kijk erg positief terug op de bevalling. De ontsluiting vorderde goed, de weeën waren heftig en volgde elkaar snel op, maar dankzij de verpleegster en mijn man kon ik me hier doorheen slaan. Ik vertrouwde volledig op mijn eigen lichaam en rekende erop dat wanneer er ook maar iets zou gebeuren wat nadelig zou kunnen zijn voor de baby de gynaecoloog zou ingrijpen. Het beleid van de dienstdoende gynacoloog was dat bij een stuitbevalling er preventief ingeknipt zou worden. Dit om er zeker van te zijn dat de baby snel uitgedreven zou worden, omdat de billen eerst komen en het hoofd als laatst het lichaam verlaat. Ook vond de gynacoloog het noodzakelijk dat ik tijdens het persen mijn benen in beugels zou plaatsen zodat hij goed zicht had op de geboorte en indien nodig tijdig kon ingrijpen. Op het moment zelf heb ik dit als prima ervaren, omdat ik geen onnodig risico wilde lopen op complicaties tijdens de bevalling.

Helaas kwam mijn placenta er niet vanzelf uit waardoor ik uiteindelijk toch nog in de operatiekamer eindigde om deze manueel te laten verwijderen. Ik zat zo op mijn roze wolk dat zelfs dit me niet meer van mijn stuk kon brengen.

Na een nachtje in het ziekenhuis mochten we na controle van de kinderarts naar huis waar we heerlijk van elkaar konden gaan genieten. Met dank aan onze lieve familie, vrienden en geweldige kraamhulp waren we snel gewend aan onze nieuwe rol als ouders.

Als een kind in het laatste trimester van de zwangerschap in stuit heeft gelegen wordt er standaard een controle van de heupen gemaakt met 3 maanden. Deze echo was met 3 maanden goed maar helaas bleek met 8 maanden dat mijn dochter toch heupdysplasie had waarvoor ze een spreidbroekje kreeg. Gelukkig mocht deze na 12 weken alweer af en hebben we verder geen nadelige gevolgen van de stuitligging en bevalling ondervonden. Ik kijk dan ook met positieve gevoelens terug op de zwangerschap en de bevalling.

Toen mijn dochter net 1 jaar was geboren raakte ik opnieuw zwanger. Vanaf het begin voelde ik dat dit weer een stuitkindje zou gaan worden. En ja hoor, vanaf de allereerste echo bleek ook deze baby in stuit te liggen. Ondanks dat het volgens de gynacoloog niet erfelijk is, geloof ik er niet in dat het toeval is dat mijn moeder alle drie haar kinderen in stuit heeft gekregen en ik voor de tweede keer een stuitligging had.

Ook deze zwangerschap verliep weer voorspoedig. Ik had geen kwaaltjes en voelde me net als in mijn eerste zwangerschap erg goed. Voor de zekerheid heb ik ook weer moxa therapie geprobeerd, maar dit zorgde er wederom niet voor dat onze zoon zich omdraaide

Toen ik met 36 weken met zwangerschapsverlof ging kwam weer de doorverwijzing naar het ziekenhuis voor de uitwendige versie. Ditmaal twijfelde ik of ik dit wel wilde. De draaipoging bij mijn eerste zwangerschap vond ik erg vervelend en had ook niet het gewenste effect, waardoor ik hier in eerste instantie niet positief tegenover stond. Uiteindelijk besloot ik toch weer een draaipoging te laten doen, maar net als de eerste keer vond ik dit erg pijnlijk en draaide ook deze baby niet meer.

Gelukkig mocht ik ook ditmaal vaginaal bevallen en omdat mijn eerste bevalling me niet tegengevallen was keek ik er niet tegenop. In tegenstelling tot mijn omgeving heb ik me ook nooit veel zorgen gemaakt om eventuele risico´s. Juist bij een stuitbevalling is er zoveel controle tijdens je bevalling van de verloskundige en een gynaecoloog dat er laagdrempelig wordt ingegrepen als zich complicaties voordoen.

Ook deze baby liet op zich wachten en toen ik met 41 weken lichte krampjes kreeg en naar het ziekenhuis ging voor een CTG mocht ik blijven om te kijken of de bevalling zou doorzetten. Helaas bleek na een nacht heerlijk geslapen te hebben dat de weeën gestopt waren en werd ik voorbereid om weer naar huis te gaan om daar verder af te wachten. Tot ieders verbazing bleek ik bij controle al 5 cm ontsluiting te hebben waardoor ik niet meer naar huis mocht en ik weeopwekkers kreeg om de bevalling op te wekken. Na ruim 3 uur met heftige weeën werd onze prachtige zoon geboren. Bij deze gynaecoloog mocht ik op handen en knieën bevallen. Omdat het mijn tweede bevalling was werd ik ook niet preventief ingeknipt, wat vooral in het herstel erg prettig was.

Ook dit keer kijk ik erg positief terug op mijn bevalling al kwam wederom mijn placenta dit keer niet vanzelf waardoor deze net als bij mijn eerste bevalling manueel verwijderd moest worden in de operatiekamer. Maar dit mocht de pret niet drukken want we waren weer ouders geworden van een gezond kindje en we waren weer dolgelukkig!

We genieten elke dag van ons mooie gezin. Ik weet niet of er ooit een derde kindje mag komen, maar als dit zo is dan ga ik er stiekem vanuit dat dit weer een stuitliggertje zal zijn….

Jools werd geboren met 28 weken en 720 gram

Na enkele jaren werd onze droom eindelijk vervuld, we waren zwanger! Helaas had ik enkele weken later heel wat bloedverlies en werd me vijf weken platte rust voorgeschreven. We waren zo bang dat het mis zou gaan, maar de rust gaf ons kleine vruchtje toch de kans om zich mooi in te nestelen. Met 24 weken zwangerschap wilden we een tripje met z’n tweeën maken, voordat onze kleine meid ons leven voorgoed zou veranderen. Alvorens te vertrekken, moesten we even op controle bij de gynaecologe. Eenmaal daar merkte ze op dat ik verscheidene symptomen van zwangerschapsvergiftiging had en ze stuurde ons ter observatie naar het ziekenhuis, slechts voor 24 uur. Deze 24 uur werden echter een 4-tal weken… Vier weken vol onzekerheid, twijfel, verdriet maar vooral hoop! Want hoe zou ze het allemaal gaan doen als ze eenmaal daar was, zou ze ademen, zou ze zware of enge dingen op haar pad tegen komen en hoe zouden wij daar dan mee omgaan. Vier weken lang de spanning van hoelang ik haar nog bij mij mocht hebben, hoelang kon mijn lijf haar meer bieden dan de couveuse en artsen dat konden. Ons meisje groeide echt niet meer en toen haar hartslag tijdens een monitorsessie te lang te laag was, hebben de dokters besloten om haar ter wereld te brengen. We wisten twee dagen op voorhand dat de keizersnede op vrijdag de 13e zou doorgaan, verschrikkelijk vonden we dat, mijn lichaam begon met trillen en dat is pas gestopt twee dagen na haar geboorte. Wat een zenuwslopende dagen en uren en toen was het 13 januari, 11 uur.

Uiteindelijk is Jools om 11.59 geboren met 720 amgr. De dokters zeiden, terwijl ze haar haalden, dat ze zo fel trappelde en da ze ademde! Onmiddellijk werd ze meegenomen. De artsen hadden ons heel goed voorbereid op deze dag, wat er in welke volgorde zou gebeuren. Gelukkig mocht mijn vriend na enkele minuten bij onze dochter, dit was een goed teken! Ze had na een minuut een Apgar-score van 8 en na vijf minuten zelfs een 9! Jan mocht enkele foto’s nemen en liep steeds van het kleine lokaaltje waar de kinderartsen zich om Jools bekommerden naar me toe en terug om “verslag” uit te brengen. Hij wilde graag bij me blijven, maar ik stond erop dat hij Jools vergezelde tijdens haar transport naar de neonatologie. Ik heb haar zelf pas na zes enorm lange uren mogen zien. Op de foto’s leek ze zo perfect en helemaal niet zo klein. Wat was de shock groot toen ik haar dan in de couveuse zag liggen met het CPAP-maskertje op. Ik kon haar hoofdje en lijfje nauwelijks zien. Nooit van mijn leven had ik zo’n minimensje gezien. De dagen en weken die volgden waren bijzonder heftig. Het brak ons hart om wakker te worden zonder haar in mijn buik en in onze kamer. We voelden ons niet compleet. Terwijl we de plakkers op haar borst en de slangetjes in haar neus zagen, rolden de tranen over onze wangen. Konden we maar meer voor haar betekenen. Onze hoop hing af van een monitorscherm. Zoveel vragen: “Waarom moest ze dit ondergaan?”, “miste ze mijn lichaam?” en “ligt haar bedje wel lekker?”

Haar medische waarden bepaalden volledig onze dag

Zalig waren de momenten dat ze haar vingertjes om de onze krulde en dat we mochten buidelen. Urenlang deden we dat, ik overdag , papa ’s avonds. We voelden dat we ons steeds meer gingen hechten aan elkaar en we hoopten dat ze wist dat wanneer we haar teruglegden, dat we in ons hart steeds bij haar bleven. Hartverscheurend was het om haar ’s avonds welterusten te wensen, haar couveuse af te dekken en steeds het ziekenhuis alleen te moeten verlaten. De verpleging heeft ons steeds fantastisch bijgestaan en ook de psychologe op de neonatologie heeft ons meer vertrouwen gegeven, vertrouwen in ons sterke, dappere meisje, maar ook in onszelf. Onze familie en vrienden waren een enorme steun, ze kookten, deden ons huishouden en maakten kleine kleertjes voor Jools. Bij het bereiken van elke mijlpaal waren we, samen met de verpleging, door het dolle heen. De eerste keer zonder CPAP, het gewicht van1 kilogram, haar eerste zonder optiflow, de eerste keer aan de borst, haar eerste flesje, de eerste keer in bad, haar eerste keer in een warmtebedje en op naar de normale bedjesafdeling. Maar de allergrootste mijlpaal was na 67 dagen naar huis! Hier hadden we zo naar uit gekeken en toen het moment uiteindelijk daar was, waren we zo blij en tegelijkertijd ook zo zenuwachtig. Gaan we dit wel kunnen, zo zonder artsen en verpleegkundigen? We mochten naar huis met een waakmonitor. Tien weken hebben we deze gebruikt, deze bracht ons ergens toch rust en zekerheid. Ook zijn we onmiddellijk gestart met  fysio, ter stimulatie van haar spiertjes.

Wat is ze nu een vrolijk grietje van twee jaar oud. Al komen de emoties en herinneringen aan deze intense tijd nog regelmatig boven, haar schaterlach doet ons al het verdriet van de neo-periode weer zo vergeten. We zijn zo dankbaar dat we onze meid mogen zien opgroeien. Nooit de hoop opgeven mama’s en blijven geloven in de kleine vechtertjes is onze boodschap… Als zij zo sterk voor ons vechten, waarom zouden wij dan ons hoofd laten hangen? Hoe moeilijk de dagen ook waren, we hebben er steeds bewust voor gekozen om met positieve energie de couveuse te openen, we zijn ervan overtuigd dat Jools dit kon voelen en dat dit haar ook weer extra energie gaf. En onthoud: Het geluk zit daadwerkelijk in de kleine dingen. 

 

SIGI

 

Bevallingsverhaal: Ik vond bevallen zo tof dat ik jaloezie voel naar mensen die nog moeten bevallen

17 januari 2019, een belangrijke dag! In de ochtend tekenen we het koopcontract voor ons nieuwe huis, in de middag heb ik een afspraak bij de verloskundige en in de avond een afspraak met de hypotheekadviseur. Ik ben 40+2 weken zwanger, voel me ontzettend goed maar ben natuurlijk ook wel erg benieuwd naar ons meisje. Bij de verloskundige kiezen we ervoor om te gaan strippen. Nadat ik me even over een drempel moest zetten, ging dit wonderbaarlijk goed. De letterlijke woorden van de verloskundige zijn dan ook: ‘Jou zie ik hier de komende tijd niet meer terug meisje. Ik kan helemaal om haar kleine koppie heen en voel een flinke bos met haar. Jij gaat heel binnenkort bevallen, neem je rust vanmiddag’. Rond 15:00 kreeg ik een soort van krampjes in mijn buik. Zal dit het zijn? Om de frequentie bij te houden, stuur ik 💗 naar mijn vriend. Ze komen al vrij snel om de 5 minuten. Hij geeft aan naar huis te kunnen komen, maar dat is nog niet nodig. Dit kan ik makkelijk zelf redden en anders zit hij tussen de weeën door ook maar te wachten. Als hij om 17:00u thuiskomt, wordt het iets heftiger en wil ik hem het liefst bij me hebben. Met koken staat hij te lang in de keuken dus we bestellen nog snel een frietje. Rond 18:00u komt de verloskundige kijken. We beginnen met het opmeten van mijn bloeddruk, vanmiddag nog perfect en nu te hoog. Ze vertelt dat we boven gaan kijken of ik ontsluiting heb en als daarna de bloeddruk nog steeds te hoog is, gaan we richting het ziekenhuis. 3cm ontsluiting, YES! Dit had ik totaal niet verwacht. Helaas is de bloeddruk nog te hoog dus we pakken onze tassen en gaan richting het ziekenhuis. 15 minuten rijden, maar wat een gave rit. We kletsen over dat het nu gaat gebeuren, we maken grappen, lachen heel hard en bellen zelfs midden voor het ziekenhuis nog even de hypotheekadviseur af. Op de parkeerplaats volgt er weer een wee, ze worden toch wel krachtiger. Er wordt een rolstoel geregeld, maar daar moet ik niks van hebben. Ik kan prima lopend weeën wegpuffen. Op de verloskamer is het nog een beetje onwennig. Ik trek wat andere kleding aan en ga nog even richting het toilet. De verloskundige vraagt wat ik ging doen op het toilet en wil daarna gelijk mijn ontsluiting checken. 8CM! 8CM? Hoe dan? Een half uur geleden was dit nog 3cm, heerlijk! De kraamzorg wordt gebeld met de mededeling dat ze op moet schieten. Na een half uur toch wat heftige weeën weg te hebben gepuft, gaat de verloskundige weer checken. 10cm ontsluiting!! Ik mag mee gaan persen. Nu al? Mijn hoofd is er nog niet klaar voor en het eerste half uur kom ik er niet echt in. Ik kan de flow en de goede houding niet vinden. De verloskundige spreekt me streng toe, dit kan en moet beter! Je wilt haar toch bij je hebben? JA, IK WIL NIKS LIEVER DAN DAT! En ineens heb ik de flow te pakken. Een wee, 4x persen en ik dut in. Door dat kleine dutje tussendoor heb ik bij de volgende wee weer energie om alles op alles te zetten.. Na een uur en een kwartier persen wordt de schaar erbij gepakt. De verloskundige vertelt: ‘We gaan een knip zetten in de volgende wee, daarna zet jij alles op alles en hebben jullie een dochter’. 

Die knip klonk spannend, maar deed geen zeer en dat nare geluid waar ik bang voor was bleef ook uit. Ik zette alles op alles en om 22.53 werd haar hoofdje geboren, daarna stopte de wee. Even wat paniek bij mij want ik zag ineens een hoofdje vol haar tussen mijn benen en de rest kwam niet mee. De verloskundige stelde mij gerust.. ‘Dit is niet erg maar bij de volgende wee MOET haar lijfje er uit, dus werken voor je leven’. Nog een laatste zetje en dan…

Dan glibbert er een heel mooi, klein lijfje uit mij (best feeling ever) en krijg ik een prachtig, huilend kindje op mijn borst. Het mooiste gevoel van de wereld, wij zijn ouders van Saar Janne Visser, roepnaam Saar. 50 cm en 3533 gram aan liefde. Wat een ervaring en wat een prachtige bevalling. We voelen ons intens gelukkig. Nadat Saar is bekeken en aangekleed kunnen we de leukste telefoontjes van ons leven plegen. Wat een feest is dat! Iedereen is dolgelukkig en benieuwd. Als ik ben gedoucht en er beschuit met muisjes is gegeten, kunnen we naar huis. Helaas moet de kraamzorg onze kamer nog schoon maken dus hier moeten we op wachten.

Gelukkig komen we de tijd wel door met knuffelen en verwonderen. Wat een prachtig meisje is het. Om 01:30u kunnen we naar huis. Thuis worden we ontvangen door de opa’s en oma’s en ook omi en tante zijn er. Iedereen wil even kijken naar ons meisje. Samen met de kraamverzorgster maken we de wieg in orde en dan kan het beginnen. De eerste nacht alleen met onze baby..

Ik vond de bevalling echt een prachtige ervaring en kijk er met een heel trots gevoel op terug. Ik merk zelfs dat ik een soort van jaloezie voel richting mensen die nog moeten bevallen en de kraamweek nog tegemoet gaan. Het is allemaal zo mooi en intens. Wij zaten hier echt op een grote roze wolk. Saar is nu 8 weken oud en het is een ontzettend lief en tevreden meisje. Het is één groot feest om voor haar te mogen zorgen!

Baby Ivy heeft een permanente drain in z’n hoofd voor de rest van zijn leven DEEL I

Ivy werd met 36,6 week geboren was dus nog rand prematuur. Hele zwangerschap ging super goed, weinig last.. wel wat “zwangerschaps kwaaltjes” maar door die gelukshormonen beleefde ik alleen maar intens geluk. Maar wat heeft hij een slechte start gemaakt.. Ivy is getroffen door een zware hersenbloeding en herseninfarct in de rechter kant van zijn hoofd. Daardoor is zijn afvoer van hersenvocht verstopt waardoor hij nu een permanente drain in zijn hoofd heeft voor rest van zijn leven. 

De start van Ivy

Ik had een goede bevalling gehad. Thuis lukte het me niet, dus ik was met spoed in auto gestapt en ben richting MCA gereden. Daar hebben ze me geholpen en twee keer een vacuümpomp gebruikt. Op 6 november waren we meer dan gelukkig en genoten we van Ivy met familie en vrienden. Ivy kreeg de eerste nacht na z’n geboorte epileptische aanvallen, werd voor een aantal seconden blauw en huilde veel. Hij huilde zoveel dat de artsen adviseerden om hem even bij me weg te halen, zodat ik even paar uurtjes kon rusten. De artsen en verpleegkundigen hielden ons goed in de gaten! De volgende dag kwam Nick in de ochtend en leek alles ok. Ik was erg moe van de nacht en had lichte zorgen over het huilen van Ivy. Maarja, je bent net moeder, alles is nieuw en onbekend! Nick kwam s’ middags om Ivy een flesje te geven, want helaas kwam de borstvoeding niet op gang. Ik was nog steeds heel onrustig en ongeduldig en ik kon me rust niet vinden. Plotseling kreeg hij na de fles direct weer een epileptische aanval. Hij deed de handjes wijd, hij had een paars mondje en kreeg blijkbaar geen lucht. We schrokken ontzettend. Nick greep Ivy en legde hem op zijn arm! Eem vriendin riep op de gang een arts erbij. De arts nam dit meteen serieus en hij wilde dat Ivy een nacht op controle ging op de open afdeling van neonatologie. Daar hielden ze hem 24/7 aan een monitor om te kijken waar het eventueel vandaan zou kunnen komen. Hij kon namelijk een hersenschudding hebben door de vacuümpomp of gewoon last hebben van de bevalling. Ik werd met mijn bed en spullen meteen van de kraamafdeling overgeplaatst naar de NEO-afdeling. We gavenhem aan een verpleegkundige en toen kreeg hij weer een epileptische aanval. Ze keek mij en Nick zorgelijk aan..we wisten genoeg. Ze zei weinig, maar bij iedereen gingen alle alarm bellen af. Hij werd meteen naar de overkant van de zaal gebracht onder deskundig oog van een arts. Zijn mooie kleertjes gingen uit en daar lag hij met alleem eem luier. Mijn mooie pasgeboren kindje op de neonatologie waar het zo slecht met hem ging. Ik werd terug gebracht naar me kamer. Nick bleef bij Ivy. Er wqs continu een arts met Ivy bezig. Al zijn waardes daalden zo erg, dat hij iedere second in de gaten gehouden moeat wordeb. Later op de dag ging ik weer bij hem kijken. Err stonden allerlei artsen en deskundigen om hem heen. Het leken er wel 100 en Ivy lag aan allelei toeters en bellen, echt vreselijk! Ik zag dat hett niet niet goed ging. Nick was wit, aangeslagen, de artsen waren zo ontzettend druk met Ivy bezig! Het ging zo slecht! Angstaanjagend… Nick was er al die tijd bij gebleven en had een hoop gezien en gehoord. Ik sloot me er voor af, ik wilde dit niet, nee dit kon niet waar zijn! Waar was mijn roze wolk? Niet ik… Waarom? 

 

 

Ik ging proberen te slapen en ik werd rond 01.00 gewekt door de arts. Ik schrok! Het ging nog slechter met Ivy. Ik werd met bed en al weggereden met de mededeling dat ik Nick moest bellen, omdat wij richting het AMC gingen. Ivy had namelijk betere zorg nodig. Nick sprong onder de douche en kwam in snelle vaart mijn kant op. Ivy werd opgehaald door een arts en een verpleegkundige van het VU die meegingen in de babylance. Bah, we mochten afscheid nemen van Ivy die lag in een soort kooi met allemaal apparatuur, snoeren, toeters en bellen! Afschuwelijke ervaring! Ik zag het ook, mijn kind was doodziek! 

 

 

 

Het VU was vol dus we moesten met hem naar AMC. Nick en ik zijn die nacht rond 03.00 samen richting het AMC gereden.. het was de nacht van 7 november op 8 november 2017 het was heel koud en onwijs mistig en hebben nog nooit zo rustig richting Amsterdam gereden als die nacht niet vanwege het weer maar meer dat we dit niet wilde zien.. dat als we door zouden rijden dat het er niet is.. dat t niet waar was.. maar we moesten door! Voor Ivy!! Ivy heeft tijdens de rit van Alkmaar naar AMC  in de babylance nog een epileptische aanval gehad, gelukkig waren de artsen van VU bij hem in de babylance. Via spoedeisende hulp zijn wij naar het Emma Kinderziekenhuis begeleid. Toren H afdeling 3 daar werden we opgevangen door 2 verpleegkundige. Die spraken alle 2 Limburgs ik was zo in de war dat ik zei.. Nick we zijn toch in Amsterdam? Ik zat op een andere planeet. 

Maar nee we waren in Amsterdam op 1 van de zwaarste afdelingen van Emma Kinderziekenhuis. 

Daar lag onze Ivy.. ons geluk ons alles.. Zo ziek.. aan allerlei slangen, opgezwollen, aan monitoren, piepjes, dat beeld vergeten we nooit meer.. ook had hij kleine prikjes in zijn hoofd waarmee z’n EEG (hersenfuncties) mee werden gemeten! Hij leek op een olifantje met beademings slangen.. ik ben bij hem gaan zitten en heb onwijs gehuild.. zo onwerkelijk! Ik wilde dit niet, niet mijn kind aub! 

Wij mochten die nacht in AMC blijven slapen samen. Ik was net bevallen, misschien 3 uur geslapen over 2 dagen  zat in een rolstoel en had me rust hard nodig.. volgende dag kwamen me ouders, familie en schoonfamilie.. iedereen was onwijs aangedaan. Ik zag dat ook, vreselijk vond ik dat! Onze kleine Ivy lag daar op de Intensive care van Emma Kinderziekenhuis. De artsen kwamen in onze kamer vertellen dat ze zich zorgen maakte over Ivy.. hij had een flinke hersenbloeding en infarct gehad. De rechterkamer van zijn hoofdje stond vol bloed .. links was ook wat bollig.  Daar zat ook wat bloed. Maar niet zoveel als in links. Vasthouden kon maar niet zoals het hoort en wilde hem. 

Spullen mee en onderweg richting Amsterdam om onze ivy op te halen! Helaas werden we onderweg opgebeld dat t niet doorging.. het ging niet goed met Ivy, we moesten in Amsterdam blijven! Weer een teleurstelling en weer was ik verdrietig! Ik wist dat me baby weer niet thuis zou komen.. De bloeding was minder maar die veroorzaakte stollingen waardoor het hersen vocht niet goed door z’n ruggenmerg liep. (Verstopt putje) en liep z’n hoofdje vol hersenvocht.. we moesten vanuit zuigelingen terug naar neonatologie. Voor ons terug bij af.. weer die vreselijke afdeling met de allerziekste kindjes bij elkaar vreselijk! 

Ze hebben hem ruggenprikken gegeven om de hersenvocht die aan t vullen was uit zijn lijf te halen dmv die prik in zijn ruggenmerg. Ze legde hem dan in banaan houding wat hij verschrikkelijk vond, en mega tegenstribbelde. Ze prikte met lange naald in zijn ruggetje. Zo kwamen we de laatste keer bij hem nadat hij net ruggenprik had gekregen lijkwit, spugen, oververmoeid en onwijs overstuur. Ons hart brak! Dit was vreselijk om je kind zo te zien lijden!! Ik was boos wilde dat het stopte dit kon niet.. Helaas lukte dat niet waardoor hij mega hoofdpijn kreeg! Die ruggen prikken zijn de meest vreselijke rot prikken die bestaan! Ze hebben aantal gedaan maar was zo slopend voor hem dat ze besloten hem dat hij een drain in zijn hoofd zou krijgen. Hij is donderdag 23 november geopereerd (18 dagen oud) en heeft een tijdelijke drain gekregen in z’n hoofdje.. klein bolletje in z’n hoofd waar ze dagelijks in prikte met een naald om vocht eruit te halen.. (puncteren) ook om druk uit z’n hoofd te krijgen. Dit moet heel hygiënische en secuur gedaan worden ivm infecties enz. Dus hij ligt nog op neonatologie AMC waar hij 24/7 in de gaten word gehouden. Elke dag 2x punteren. Puncteren gingen ze met een naald in zijn drain reservoir om het vocht eruit te halen…. elke dag!  

 

 

 

 

 ARANKA

Bevallingsverhaal: Eigenwijze Sterrenkijker

Vierenhalf jaar geleden zat ik met zestien weken zwangerschap al thuis in verband met mijn heftige bekkeninstabiliteit. Ik werkte als horecamedewerker in een revalidatiecentrum en de diensten waren gewoon echt te heftig. Zo kwam ik grotendeels thuis te zitten en twee keer per week therapeutisch aan de receptie.

Met 39 weken was ik het HE-LE-MAAL zat! Ik was op, ik wilde niet meer langer (ik denk dat het merendeel dit wel herkent). Er werd afgesproken dat ik met 40.4 zou worden ingeleid als de kleine druktemaker zich niet eerder zou melden. Het was dinsdagavond. Onze druktemaker werd ineens enorm rustig, zo rustig dat ik hem een hele dag niet meer had gevoeld. Wij zaten te genieten van een avond lekker weer, toen ik het mij ineens besefte. Ik durfde het bijna niet te vertellen aan Pim omdat ook de buren nog op visite waren. Maar ik was zo ongerust. We hebben de verloskundige gebeld en mochten gelijk door naar het ziekenhuis voor een CTG. En natuurlijk, eenmaal aan de CTG begon onze druktemaker weer te rollebollen. Een enorme opluchting. De gynaecoloog stelde voor om mij te strippen omdat ik op ongeveer één centimeter ontsluiting zat. De hele nacht heeft het ongelooflijk gerommeld van binnen. Maar geen teken van weeën. Wanneer begint het nou eindelijk eens? Hoe lang kan ik dit nog aan? Ik had ondertussen enorme olifantenpoten van de warmte, en ook mijn hoofd, armen en rug hadden meer weg van een zeekoe dan van een mooie zwangere Sanne.

 

 

Ik had mij laten vertellen dat ananassen eten zou kunnen helpen de bevalling op gang te brengen, laat ik nou gek zijn van ananas! Ken je dat, zo veel ananas eten dat je tong er van gaat prikken? De hele woensdag liep ik rond met een verbrande tong. Nog een tweede tip was seks! En dan vooral het gedeelte waarin de vrouw op haar hoogtepunt komt. Wij gingen met volle moed aan het werk, en vielen daarna vredig in slaap. Raad je het al? De volgende ochtend rond een uur of vier werd ik wakker met krampen in mijn rug en buik. Verder slapen was geen optie, dus had ik het geweldige plan om mijn haar te gaan wassen. Dan heb ik dat in ieder geval alvast gehad wanneer de baby er is. Hoe naïef kun je zijn hè?! Maar goed, het werd mijn eerste bevalling dus wist ik veel! Eenmaal uit de douche heb ik een kopje koffie gezet en ben ik op de bank gaan liggen. Ik doe zelfs af en toe een slaapje. Tot ik wakker werd van nog hevigere krampen. Ze kwamen om de paar minuten en ik vond het tijd worden voor de weeën-timer-app. De koffie was ondertussen koud geworden maar de app gaf aan dat mijn bevalling echt bezig was. Ik riep Pim wakker en vroeg hem de verloskundige te bellen. We hadden afgesproken om gelijk naar het ziekenhuis te komen omdat wij buiten het bezoekgebied woonden. Aangezien er in het verleden iets goed mis is gegaan bij een nicht van Pim, door een fout van de verloskundige uit het dorp, wilde ik dus perse bij onze huidige verloskundige blijven.

 

 

 

Toen we groen licht kregen om langzaam naar het ziekenhuis te komen, wilde ik opstaan om me om te kleden. Ik voelde een “plop” onderin mijn buik en toen ik recht stond, stroomde er een golf bruin-groen water-slijm langs mijn benen naar beneden. Ik schrok en commandeerde Pim de verloskundige nog eens te bellen. Ik ben mij wat gaan opfrissen in de badkamer. Toen Pim riep dat we “GELIJK” naar het ziekenhuis moesten komen, heb ik de boel, de boel gelaten en ben in mijn vieze pyjama en badjas de auto ingestapt. Thank god, er lag een matrasbeschermer uit het kraampakket op de bijrijdersstoel. Iedere hobbel of bocht was mij te veel, de rit van vijftien minuten leek wel een uur te duren. Op de parkeerplaats van de EHBO kwamen wij erachter dat er €0,50 in de rolstoel moest. We hadden heel de auto volgeladen, maar een muntje van €0,50 was ver te zoeken. Pim ging naar de receptie om er toch nog één te regelen en ik stond daar maar in mijn vieze badjas heen en weer te waggelen op de parkeerplaats, leuk te lachen naar de voorbijgangers.

 

 

 

Eenmaal op de verlosafdeling, in mijn mooie blauwe rolstoel, kreeg ik een verloskamer toegewezen. Ze kwamen mij gelijk wassen en de troep uit mijn ondergoed controleren. Ik mocht nog even gaan douchen voordat ik aan de kabels werd gelegd. Want daarna werd het wat moeilijk om uit bed te komen. Ik werd getoucheerd, werd aan de CTG gelegd, ook de baby kreeg een draadje op zijn fontanel en mijn bloeddruk werd goed in de gaten gehouden. Ik had de hele zwangerschap al een te lage bloeddruk, dus waarschijnlijk had het daar mee te maken. Drie centimeter ontsluiting. Dat schoot niet op. De weeën werden met de minuut erger. Ik kon niet meer in een normale positie blijven liggen. Na een uur of twee werd ik nog eens getoucheerd, bijna vijf centimeter ontsluiting.

 

 

 

Echt ik werd gek! Van te voren had ik mij voorgenomen om de bevalling zonder pijnbestrijding te ondergaan. Maar het werd mij echt te heet onder de voeten. Ik smeekte om pijnstilling. Ik kreeg de keuze tussen een ruggenprik of morfinepomp. Dat laatste klonk mij het meest aangenaam, ook omdat het anders nog zo’n tien uur zou kunnen duren voordat ik kon gaan bevallen. Iets met uitwerking of iets dergelijks. Ze hadden mij alleen niet verteld dat ik ook een blaaskatheter zou krijgen omdat ik niet meer uit bed mocht komen. Wat een fijne keus had ik gemaakt! Ik heb zelfs nog kunnen doezelen en het haalde echt de scherpe randjes van de weeën af. Opeens werd ik wakker uit een klein slaapje en ik merkte dat er iets stond te gebeuren. Ik riep naar Pim dat hij nu echt de “high-tea” moest gaan klaar zetten, het zou niet lang meer gaan duren. Kun je nagaan hoe goed die morfine zijn werk deed. De gynaecoloog kwam mij toucheren en gaf groen licht om met de volgende wee mee te gaan persen. Er kwam nog een vrouwelijke witte jas binnen. Ik had gelezen dat je bij tien centimeter ontsluiting persweeën zou krijgen en dat dat niets voorstelde bij die verschrikkelijke weeën. Niks van waar, ik kreeg geen persweeën, maar wist ik veel dat ik dat moest aangeven. Ik deed braaf wat ze zeiden. Ik perste met iedere wee mee. Na twee uur persen was ik op. Ik had mijn haren helemaal niet hoeven wassen weet je? Het water stond op mijn wiebeltenen. De gynaecoloog gaf aan dat ze mij gingen helpen door middel van een vacuümpomp. Bij de volgende week kreeg ik een knip en konden ze de pomp gaan plaatsen, JEZUS, wat een (letterlijk) KUTGEVOEL! De wee daarop zou hij geboren worden werd mij gezegd. PLOP! Daar was de pomp, maar geen baby… Die zat klem tussen mijn bekken. Ze gingen het nog één keer proberen, zo niet… de O.K. werd al gereed gemaakt. Ondertussen stond er een hele rij met toeschouwers naar mijn opengeknipte, met apparaat aangesloten baargat te kijken. No, never, nooit niet dat ik na al deze ellende ook nog een keizersnee zou krijgen. Er kwam een soort oerkracht vrij en toen ze de pomp weer hadden vastgezogen aan het hoofdje van de baby en ik een wee kreeg, gaf ik alles wat ik nog in mijn mars had en bleef persen totdat ik een glibbering naar beneden voelde glijden. “JAAAA”, werd er geroepen. Er werd een klein, blauw, verfrommeld baby’tje op mijn borst gelegd.

 

 

Javaj Smeets a.k.a. “eigenwijze sterrenkijker” is geboren op 21 augustus 2014 om 18.16 uur. Maar na een tijdje werd er mij verteld dat ze het nog geen bevalling mochten noemen. Er moest nog iets geboren worden. De placenta! Ook daar hebben we zo’n twee uur over gedaan en wéér werd er een O.K. klaargemaakt. En wéér gaf ik alle kracht die ik in mij had, want om nou mijn kleine frummel achter te laten? Gelukkig werd bij de laatste poging ook de placenta geboren en konden ze eindelijk beginnen met schoonmaken en hechten! Ik heb de bevalling als zwaar ervaren, geen haar op mijn hoofd of hechting down under dat ik nog eens zou gaan bevallen. Maar als je er dan achter komt dat je twee jaar later plots toch zwanger bent? Dat lees je volgende maand in mijn blog “Een Gelukje”.

 

 

 

Liefs, 

 

 

 

SANNE (klik hier voor haar Instagram)  

 

Bevallingsverhaal: op het moment dat Semmy eindelijk op m’n borst ligt, poept ze me helemaal onder, haha

 

Twee jaar geleden ben ik bevallen van een meisje genaamd Semmy. Het was een enorm zware bevalling, maar waar ik toch niet verkeerd op terug kijk.

Na 41 weken en 2 dagen moesten mijn man en ik ons melden in het Ikazia ziekenhuis in Rotterdam. Natuurlijk had ik niet veel geslapen, want ik was super nerveus. Eten ging ook moeizaam, terwijl ik wist dat het wel handig was als je een inspanning moest leveren. Maar tevergeefs. 

Om 08:00 ’s ochtends hebben wij ons gemeld in het ziekenhuis. Even aan de monitor en toen werd ik gehaald. Ze gingen een ballonnetje plaatsen. Alles behalve prettig vond ik dit. Wat een vervelend gevoel zeg, ik vond het een soort pijn doen. Wellicht kwam dat omdat ik die vrouw niet zo vriendelijk vond, dus kon ik mij niet ontspannen. 

Na het plaatsten van het ballonnetje kregen we de vraag of we wilden blijven wachten of naar huis wilden, want het kon zomaar nog lang duren voor het ballonnetje eruit zou vallen. 

Nou huphup wij gingen lekker naar huis. Maar ehm, wat voel ik nou? Wat doet m’n buik? Is het nou begonnen? O wauw het is echt al begonnen. We waren net drie straten van het ziekenhuis vandaan!!! Hoe is het mogelijk!  Toch hadden we ervoor gekozen de reis verder naar huis te vervolgen, want dat ballonnetje moest er natuurlijk nog uit en dat kon nog wel duren.

Tijdens de autorit werden m’n weeën echt al wel heftig. We stopten nog even om een croissantje te kopen, maar ik kon niet eens meer door de winkel lopen dus bleef ik in de auto wachten.

Thuis het croissantje gegeten, want ja eten is belangrijk met zo’n inspanning. En toen maar in bad. Dat zou verzachtend werken. Dus niet! Inmiddels toch maar weer naar het ziekenhuis gebeld want m’n weeën waren al bezig vanaf 09:30 en het was inmiddels 11:00. Ik wilde absoluut niet thuis bevallen, dus wij gingen maar weer terug naar het ziekenhuis.

Maar man o man, wat een weeën al. In het ziekenhuis aan de monitor en wat zeiden ze: “goh je hebt echt al weeën, dat is snel.” 

Applaus, dat voelde ik al lang. 

We gingen naar een kamertje toe. Daar lag nog een zwangere dame en haar man zat er bij. Zij lag er vanwege bloeddruk en niet omdat ze al ging bevallen.

Mijn weeën werden steeds heftiger en heftiger en m’n telefoon moest ik weg leggen. Geen zin meer om te antwoorden, want die weeën moesten weggepuft worden. Maar hoe moet dat? Ik raakte een beetje in paniek. Het deed zo’n zeer. 

Gelukkig kwam de verpleging bij die andere zwangere dame kijken en zij hoorde mij kreunen en piepen waardoor ze daarna bij mij kwam kijken. Zij heeft met mij eventjes gepuft, waardoor ik snapte hoe ik het moest doen.

Gelijk een inwendig onderzoek (18:30)en wat bleek nog steeds 2-3 cm. 

Pffff wat gaat dit traag zeg. Ik word gek. Ik heb al 9 uur weeën en het schiet niet op. Wat wel fijn is dat de verpleging m’n vliezen had gebroken en ik daarna naar de verloskamer mocht. 

Ze bood me een bal aan voor onder de douche. Je weet wel zo’n soort skippybal. 

Vreselijk leek mij dat, maar toch was het zó fijn. Het enige waar ik van baalde op dat moment was dat ik het koud had. Waarom kon die douche nou niet warmer?! 

Rond 20:45 kwam de verpleging om weer een inwendig onderzoek te doen. Jippie!! Maar helaas nog steeds 2-3 cm. Ze vraagt me of ik heb gedacht aan pijnstilling omdat het al zo lang duurt. Al bijna 12 uur vol in de weeën en nog steeds maar zo weinig ontsluiting. 

Ik schreeuwde nog niet: “geef mij die ruggenprik!!!!”. 

Zo gezegd zo gedaan, ruggenprik gekregen en alles werd rustig. Hoe chill is dat. Ik kon de wereld weer aan. Nou dus niet! Met de baby ging het niet goed in m’n buik. Bij elke wee zakte haar hartslag enorm. Wat betekende dat ik niet op m’n rug mocht liggen, maar steeds van m’n linker op rechterzij. Makkelijk gezegd, maar door m’n ruggenprik werken m’n benen niet dus moet ik steeds geholpen worden. Best geinig hoor. 

Op een gegeven moment gaat het zo slecht met Semmy in m’n buik dat ze bloed uit haar hoofdje moeten tappen. Ja je begrijpt het goed. Ze zit dan nog in m’n buik. Wat een bloederige bende werd dat zeg. Vanuit dat monstertje met bloed konden ze haar zuurstof testen en er was nog geen reden tot paniek. 

Rond 02:00 in de nacht, raakt m’n ruggenprik uitgewerkt en ik ga weer kapot van de pijn. Eindelijk mocht ik niks meer krijgen voor de pijn i.v.m. Semmy. Ze zagen ook wel dat dit niet werkte, dus ik kreeg een klein beetje. 

Om 04:15 kreeg ik het verlossende woord: je hebt tien centimeter ontsluiting. Ik was in de Gloria!! Yes eindelijk!!! 

Maar helaas zei ze: “ze is nog niet genoeg ingedaald, dus je moet nog een uurtje wachten .” Nee super chill dit. Mij eerst blij maken en vervolgens met persdrang zeggen dat ik nog een uurtje moet wachten. Oké dat uurtje kon er eigenlijk ook nog wel bij want inmiddels was ik dus al 18,5 uur bezig. 

Rond 05:15 kwamen de gynaecologen, verpleegkundigen en weet ik veel wie er nog meer stonden. Het laatste stukje is begonnen. Nog 1 sneetje op Semmy haar hoofd maken om te kijken hoeveel zuurstof ze nog heeft en hoe lang ik eventueel mag persen. 

Het spande erom, want alles was ook al gereed voor een spoed keizersnede. En het enige dat ik dacht was: “zolang ze er maar veilig uit komt, alles voor haar!”

Ik kreeg te horen dat alles goed was, dus de kamer werd gereed gemaakt. Ik voelde mij ineens zo misselijk worden, dus ik kreeg een kotsbakje. Die toch maar weer afgeslagen, want hee die heb ik niet nodig. Maar na twee tellen, kwam er toch een lading hahaha. De verpleging vertelde dat je lijf dit doet, het is klaar om te bevallen. 

Go go go!!! Pers haar eruit. Ai dit durf ik niet was m’n eerste gedachte. Nee dit kan ik niet. Wat nou, wat nou. Maar Liz jij hebt het nu in de hand, jij kan er voor zorgen dat het klaar is. Zet alles op alles. Lekkere peptalk voor mezelf in m’n hoofd en daar ging ik. 

Na twee persweeën stond haar hoofdje al. En na de laatste pers was ze daar. 

Het was een fantastisch emotioneel moment. Wat was ze mooi. Wat was ze klein!!!! 2790 gram. Kleine uk. En op het moment dat ik heerlijk naar haar lig te kijken op m’n borst, poept ze me helemaal onder. 

Dat geeft niet lieve kleine Semmy. Je hebt mij mama gemaakt. Mijn dag kan niet meer stuk! (En douchen moest ik toch wel haha).

Bevallingsverhaal: ons kindje komt NU met 25 weken en ik heb totale rust… DEEL II

En dan… Dan ineens ben je ouders geworden van een piepklein mensje. Perfect, met alles erop en eraan, maar wat ook veel weg heeft van een pasgeboren konijntje. Zijn huidje was vuurrood, plakkerig en doorschijnend. Mocht onze zoon dit later teruglezen, zal ik hem uiteraard vertellen dat hij niet écht op een konijntje leek. Er werd naar zijn naam gevraagd. Het was bijzonder en ook apart om zijn naam voor de eerste keer uit te spreken. ‘Boris’ en direct erachteraan wilde ik zeggen ‘nog niet verder vertellen hè’. We zaten nog zo in de modus dat we de naam geheim wilden houden. Terwijl ik werd gehecht, kreeg Boris allerlei toeters en bellen aan zijn kleine lijfje. Een infuus in zijn armpje en navel, een maagsonde en lange sprietjes in zijn neusje voor de CPAP, plakkertjes op zijn borstje voor de hartbewaking, een saturatiemeter rond zijn voetje en een bandje rondom zijn hoofdje om de  bloedflow in zijn hersenen te kunnen meten.  Ik kreeg te horen dat hij een goede start had, met een APGAR-score van 9/9/9. Voor zo’n klein baby’tje is dat heel uniek. Hij woog 820 gram en was 34 cm lang.

Boris werd in een reiscouveuse naar de NICU gebracht en mijn man ging met hem mee. Even later was ik stabiel genoeg om ook naar Boris toe te gaan. De couveuse waar Boris in lag leek wel een sauna, lekker warm en vochtig. Ze proberen met zo’n couveuse de baarmoeder na te bootsen. We zijn nog even bij hem gebleven en gingen daarna naar de kamer, het was inmiddels 12u ’s nachts. Toen we de lift uitkwamen, stonden daar onze ouders, mijn broer en broertje. Via de verpleegkundige hadden ze al gehoord dat Boris een goede start had, een kleine geruststelling. Mijn broer is normaal een hele week van huis, ik was dan ook verbaasd om hem te zien. ‘Hee, was je in de buurt? Wat leuk dat je er bent!’. Dit geeft ook wel aan dat de hele situatie niet echt tot me doordrong. ‘Huh? Waren jullie bang dat Boris het niet zou halen? Serieus, hoezo dan?’.

Toen het bezoek weg was, bleven we alleen achter op de kamer. Tijd om alles even te laten bezinken was er niet, er werd gelijk een kolfapparaat de kamer op gereden. Ik hoef denk ik niet uit te leggen dat ik hier niet bepaald enthousiast van werd. Maargoed, alles voor je kind!

Verder hebben we echt een topnacht gehad waarin we goed konden uitrusten voor de volgende dag. Elk uur controles omdat mijn bloeddruk laag was en ik verhoging had. Ook had ik een morfinepompje gekregen, maar daar ging ik een beetje van hallucineren. Ik dacht dat er constant helikopters opstegen (het geluid van mijn infuus), de klok tikte keihard (?) en het kolfapparaat wat elke 2-3 uur werd aangeslingerd praatte tegen me, moedigde me aan (juist, ja).

Na het douchen en ontbijt zijn we naar Boris toe gegaan. Volgens de verpleegkundige deed hij het echt heel goed en was het een vechtertje. Ze waarschuwde ons wel dat de kans groot was dat hij na een dag of 3 aan de beademing zou moeten. Meestal gaan de eerste dagen bij zo’n kleintje goed, dan leven ze nog op adrenaline. Na die eerste dagen hebben ze vaak meer hulp nodig, zoals kunstmatige beademing. In de tweede week worden ze vaak ziek, vanwege alle infusen die ze hebben. Elke ‘opening’ is een verhoogd risico op infectie. We kregen een mapje mee waarin alle complicaties werden benoemd en toegelicht. We besloten dit mapje pas te lezen als Boris daadwerkelijk een complicatie zou krijgen.

Omdat Boris het zo goed deed, mochten we buidelen. Het moment dat hij op mijn borst werd gelegd, was heel bijzonder en tegelijkertijd ook bizar. Ik had mijn baby op m’n borst, terwijl ik pas 25 weken zwanger was en hij 24 uur geleden nog in mijn buik zat. Heel eerlijk, liefde op het eerste gezicht was het niet. Het oer-moedergevoel ontbrak. Uit alle macht probeerde ik dit op te ‘wekken’, maar het was er gewoon nog niet (spoiler-alert: het is dubbel en dwars goed gekomen hoor!). We zaten nog niet in het stadium dat we ontzettend uitkeken naar ons kindje, dat we niet meer konden wachten van nieuwsgierigheid. Dat de babykamer klaar was, alle kleertjes gewassen in de kast hingen, mijn buik in de weg zat en de box al in de woonkamer stond. Sterker nog, ik had pas 4 pakjes in de kast hangen, maatje 56 en 62. Die buik? Die werd pas net een beetje zichtbaar. De babykamer stond in dozen in de garage. Toevallig bezorgd op de geboortedag van Boris, de vorige dag. Nou, dat moedergevoel dus, die liefde op het eerste gezicht, dat was vast ook nog ergens ingepakt. Rustig afwachtend tot de tijd rijp was om uitgepakt te worden. Waarschijnlijk liet ik dit gevoel (onbewust) ook nog niet toe. Bang dat het extra pijn en verdriet zou doen, mocht Boris deze hele strijd toch verliezen.

De eerste dagen gingen voorbij. Dagen waarin elk uur spannend en kritiek is. ’s Ochtends weet je niet of hij de middag haalt, en ’s middags weet je niet of hij de avond haalt. ’s Nachts bellen naar de nachtdienst en vragen hoe het met Boris gaat. Zodra je wakker wordt bellen, voor het slapengaan bellen… Die constante zorg, die constante dreiging dat het elk moment achteruit kan gaan, het is slopend. Achteraf weet je dat het goed is gegaan, maarja, daar heb je op het moment zelf niks aan. Achteraf kijk je een koe in z’n gat. Op het moment dat je er middenin zit, weet je niks. Geen zekerheid en geen garanties. Bij elk klein dingetje ben je bang dat het de verkeerde kant op gaat. Als zijn temperatuur één tiende lager is, ben je bang dat hij ziek wordt (prematuren krijgen een lagere temperatuur bij infectie). Iets minder alert? Idem dito.

Bij binnenkomst van de NICU keken we direct naar de monitor. Wat waren de cijfers? Heeft hij veel hartslag- of zuurstofdalingen gehad? De monitor vertelt je hoe het met je kind gaat, de monitor is je houvast.

We logeerden in het Ronald McDonald-huis en wat was dat fijn. Zo dicht mogelijk bij je kind zijn en elk moment van de dag naar hem toe kunnen, terwijl je ook je plekje samen hebt. Mijn zusje en zwager kwamen langs en ze hadden zo’n geboorteballon meegenomen. Ik ben nog nooit zo blij geweest met een cadeau. Zulke ballonnen hoorden bij geboortes en het stond voor mij symbool dat Boris er nu echt was. Hij deed ertoe, hij was een echt mensje, hij hoorde bij ons en we waren blij dat hij er was.

De dagen vorderden en Boris bleef het heel goed doen. Voorheen werd de situatie per uur bekeken, nu werd er in dagen gepraat. Zijn voeding werd elke dag opgehoogd (hij startte met 12 x 1,5cc(!) ) en de infusen werden afgebouwd. Af en toe had hij wat extra zuurstof nodig, maar dat was niet erg. Tegen de verwachting in, hoefde hij niet beademd te worden, hij deed het (met een klein beetje hulp) op eigen kracht. De infecties en alle andere complicaties waar we op voorbereidt en bang voor waren, kwamen niet. Ondertussen mochten en konden we ook steeds meer zelf doen. Zijn luiertje verschonen, voeding via de sonde geven of hem zelf uit de couveuse pakken om te buidelen, inclusief alle slangen en lijnen. Zijn luiertje verschonen duurde de eerste weken 10-15 minuten (niet overdreven). Het was zo inspannend voor Boris, dat hij hartslagdalingen en/of zuurstofdalingen kreeg. Daarom moesten we regelmatig een pauze inlassen. Als hij (of beter gezegd, de monitor) aangaf dat het weer beter ging, konden we verder. Na 4 weken werd hij overgeplaatst naar de High Care. Twee weken later kregen we het bericht dat hij een stapje dichter naar huis toe mocht, naar het Amphia Ziekenhuis in Breda. Dit was een figuurlijk stapje dichterbij, want het Amphia was voor ons even ver rijden als het Sophia. Dat was wel heel moeilijk, want het betekende dat we hem nu letterlijk achter moesten laten. Bijna 60 kilometer afstand en een uur rijden tussen ons in. We stonden hier maar niet te veel bij stil, we konden er niets aan veranderen. We konden alleen maar hopen dat hij zo snel mogelijk mee naar huis zou mogen.

Stapje voor stapje ging het steeds beter met Boris. De mijlpalen bij prematuur baby’s zijn zo anders dan bij op tijd geboren baby’s. Alles gaat met kleine stapjes. Het gewicht van 1 of 2 kilo bereikt, van een couveuse naar een warmtebedje of van een warmtebedje naar een gewoon wiegje, geen zuurstof meer. Het moment dat Boris zonder medicatie kon, een aantal dagen geen hartslag- en zuurstofdalingen liet zien en toen van de monitor af mocht. Het eerste badje, het leren drinken… Allemaal mijpalen waar je normaal gesproken niet over nadenkt, en dat is eigenlijk maar goed ook.

Uiteindelijk heeft Boris ruim 11 weken, precies 80 dagen in het ziekenhuis gelegen.  Bij 36+6 mochten we Boris mee naar huis nemen. Wat waren we gelukkig en dolblij. Hier hadden we zo lang naar uitgekeken! De maxi-cosi, die al weken leeg in zijn kamertje stond, mochten we eindelijk mee naar het ziekenhuis nemen. Er kwam een eind aan de dagelijkse ritten naar het ziekenhuis, aan de telefoontjes naar de verpleging. We hoefden niet meer te bellen om te vragen hoe het met Boris ging. Nu konden we in de box kijken of naar boven lopen om te kijken hoe het met hem ging. Mijn lach was die dag niet meer van mijn gezicht af te slaan. Eindelijk met z’n drietjes thuis. Eindelijk!

Het is een hele heftige tijd geweest. Een tijd waarin je leeft tussen hoop en vrees. Gelukkig kunnen wij zeggen dat het allemaal goed is afgelopen. Boris is ons wonderkindje en heeft, voor zover we nu kunnen zeggen, niets overgehouden aan zijn extreme vroeggeboorte. Van de artsen begrijpen we dat dit echt heel bijzonder en uniek is. Zelf beseffen we dit ook heel goed. We hebben zoveel narigheid en verdriet gezien en gehoord op de afdeling. Baby’s die gereanimeerd werden, aan de beademing moesten of er juist vanaf werden gehaald, het eerste schorre huiltje die zo’n baby dan liet horen. Artsen en verpleegkundigen die alles doen om het leven van een ieniemienie baby te redden en daar helaas niet altijd in slagen. Gelukkig is dat leed ons bespaard gebleven. Het mapje van de complicaties is dicht gebleven, onaangeroerd. Boris, ons wonder!

PS deze naam zat al een aantal jaar in ons hoofd. We zeiden tegen elkaar ‘als we ooit kinderen krijgen en het is een jongetje, dan noemen we hem Boris’. We wisten toen nog niet dat ‘Boris’ ‘glorieuze strijd, strijder’ betekent. Hoe toepasselijk!

PPS omdat Boris het vanaf het begin zo goed heeft gedaan, bleef bij ons de vraag in ons hoofd zitten of het, achteraf gezien, echt nodig is geweest om hem te halen. Zijn bloedkweken waren negatief, dus hij had geen infectie. Een aantal weken later hebben we dit tijdens de nacontrole bij de gynaecoloog gevraagd. Hij heeft onze twijfel weg kunnen nemen. De navelstreng was onderzocht en hier waren al tekenen van infectie te zien. Als Boris 10 uur later was gehaald, was hij ziek ter wereld gekomen en had het er allemaal heel anders uitgezien. Wat ben ik ongelooflijk blij en dankbaar dat iets in mij zei dat ik een extra CTG aan moest vragen.

Bevallingsverhaal: onze dochter zag paars na de geboorte

Nadat de gynaecoloog en de cardioloog in overleg de spelregels voor mijn bevalling hadden uitgeschreven, kreeg ik een datum om ingeleid te worden. Onze lieve dochter zou geboren worden op 38 weken, na een helse zwangerschap en vier weken ziekenhuisopname. Op 37w+6d installeerden we ons om 10u ‘s ochtends in de verlosafdeling van Gasthuisberg. Wij waren er klaar voor: dinosaurus koeken, sportdrankjes, boeken en een gezelschapsspelletje. Ik had zelfs een nieuwe Fitbit die nog in de verpakking zat om mee te spelen! Voor wetenschappelijke doeleinden uiteraard. We waren helemaal klaar om ons klein meisje te leren kennen. We wisten dat het wel even kon duren, aangezien ik nog geen millimeter ontsluiting had of ook maar iets verweekt was. 

10 u – Eerste shift – Kathleen de vroedrouw van de ochtend heette ons hartelijk welkom met een eerste dosis prostaglandynes. Als ontbijtje, zeg maar. Met die prostaglandynes zouden we de bevalling in gang zetten. Wij waren toch wel lichtjes in paniek op dat moment, maar lieve Kathleen was de zachte stem die we nodig hadden. Het pittige aan ingeleid worden, is dat de weeën op één keer onnatuurlijk snel en straf komen, we zaten binnen geen tijd op een regelmatige drie minuten. Ik waggelde rond, zong hele musical soundtracks terwijl ik op mijn bal zat te wiebelen en Maarten werkte op zijn computer. Ik was ‘in the zone’ en had hem nodig, maar wel op een veilig afstandje. Gevalletje ‘hou je in stilte bezig’. Na een tweede dosis medicatie werden de weeën een pak intenser. Op naar de..

Tweede shift – 14u – Indra de vroedvrouw nam het over en had dadelijk in de gaten dat ik wel erg veel moeite had alles weg te puffen. Ze stelde luidop in vraag waarom ik geen epidurale zou mogen om me door de bevalling te helpen. Dat was door de artsen aanbevolen omdat het erg effect zou hebben op mijn hart en bloeddruk. Omdat ik als dood was de geboorte van mn dochter te missen als ik flauwviel was ik daar braaf in meegegaan. Indra was de soort vroedvrouw die al 20 jaar kinderen op de wereld gezet heeft, met een nultorerantie voor nonsens.

In overleg (vooral met mezelf, aangezien Maarten al bijna zijn veto gebruikte toen ik het ook maar opperde) besloot ik te douchen als laatste redmiddel tegen de pijn. Grote fout. Maarten had gelijk. Ik zat nog maar vier minuten onder de douche of ik viel flauw, begon erg te bloeden en over te geven. Lastig dat ik met m’n koppige kop de douche aan de overkant van de gang in gegaan was. Maarten zijn ademhaling versnelde lichtjes en Indra sleepte de anesthesist aan. Ze stuurde de gynaecoloog en de cardioloog snel een berichtje dat ze toch een epidurale voor me zou regelen. Meer een ‘wist-je-dat’-je dan een vraag. Na vier keer prikken midden in een weeënstorm (‘stilzitten hoor mevrouw, dit is milimeterwerk’) en het bijhalen van een nieuwe anesthesist zat de epidurale en was ik verdoofd tot aan mijn boezem.

Toen werd het dan helemaal geweldig! Ik was me zo bewust van alles wat er aan het gebeuren was. Na vier jaar vechten was ik aan het bevallen van onze eigen dochter. Ik lag te genieten, voor de laatste keer het galopje van haar hart te beluisteren op de monitor. Om 9 uur ‘s avonds hoorde ik een plop en een ‘woesj’. Mijn water was gebroken van het lachen. Geen haak meer nodig om aan mijn vliezen te liggen peuteren, hoera, (ik had die al van die ochtend in de gaten vanuit mijn ooghoek)

Tegen tien uur ‘s avonds, begon Lientje’s hartritme te dippen en had ik nog steeds maar drie centimeter ontsluiting. De druk van de bevalling was te veel aan het worden voor ons klein meisje. We waren al tien uur bezig en ze kon niet meer goed om met de weeën. De gynaecoloog kwam voorbij met de instructie te stoppen met eten en drinken. Ze zouden snel moeten kunnen ingrijpen als Lien nog meer begon weg te glippen. Waarschijnlijk werd het een keizersnede tijdens de ..

Derde shift – 22 uur – Tzigane meldde zich met gezwinde tred aan als vroedvrouw van de nacht. Een grotere spring-in’t-veld hadden we nog nooit aan mijn bed gehad. Na vier jaar fertiliteit en een ziekenhuisopname van meer dan een maand wil dat wel wat zeggen. Tzigane meende het serieus, niks geen keizersnee. Op duidelijke toon gebood ze ons in bed te kruipen – haha, alsof ik daar niet al vier uur lag met draden uit mijn rug- en haar de rest te laten doen. Zij zou om de zo veel tijd aan het wieltje van de weeënopwekkers komen draaien en zou vanuit haar kamertje aan de overkant Lientjes hartritme in de gaten houden. Kleine meid had intussen al een monitortje rond haar hoofd (hoe die daar aangebracht wordt, bedenk je zelf maar) om haar goed te kunnen opvolgen. Tzigane was er zeker van dat we er een vaginale bevalling van zouden kunnen maken, om het herstel van een keizersnee te vermijden. Had ik al vermeld dat Tzigane het serieus meende?

Het spannende was dat ik tegen dan al vanalles voelde doorheen de epidurale. Ik voelde mijn weeën weer en met elke wee voelde ik baby Lien zakken. Pijnlijke boel, maar eerlijk waar het geweldigste wat ik ooit heb meegemaakt.Terwijl Maarten super hard zijn best deed om te doen alsof hij sliep, lag ik te doezelen, heerlijk in mezelf. Aan het genieten van elke wee, voelde ik me sterker, gelukkiger en meer klaar dan ooit om ons meisje op haar neusje te zoenen.

Een uurtje na middernacht kwam de assistente even voelen hoe veel ontsluiting ik had. Met een verward gezicht haalde ze Tzigane er bij om even te voelen, ze kon er zelf niet goed bij. Tzigane kwa even poolshoogte nemen (zo’n dingen mag je in een bevallingsverhaal behoorlijk letterlijk nemen). Heel haar gezicht klaarde op en voor ik het weet stond ze aan Maarten te schudden. Handen wassen, tanden poetsen, broek aantrekken meneer.. uw baby komt er aan. De assistent voelde niks van baarmoederhals omdat ik op die laatste twee uur van 3 naar 10 centimeter ontsluiting gegaan was. Geen baarmoederhals meer over, het was baby-tijd! De medische ploeg was alleen echt bezorgd over Lientje en er werd een legertje aan mensen in groene pakjes opgetrommeld om de bevalling bij te staan. Ze moest nu echt dringend komen. In de kamer: een assistent, een vroedvrouw, een gynaecologe, een supervisor en twee pediaters. Dat Maarten de weg naar mijn hoofd vond in al dat gedrum bewijst dat een echte scout altijd de weg vindt!

De eerste drie rondjes persen heb ik niet volop beseft wat ik aan het doen was. Ik kon maar niet geloven dat het voor echt was, tot Maarten vroeg of hij even mocht gaan kijken in de zuidelijke regionen en lichtjes bleek om de neus terug kwam met de mededeling dat onze dochter een volle kop haar had. Helemaal in shock dat hij haar hoofdje had kunnen zien, besefte ik dat het tijd was de baby er uit te persen en dat de generale repetitie voorbij was. De vijf mensen rond mijn bed deden op dat moment aan als een soort Amerikaans cheerleader team met een hysterisch bezorgde ondertoon, dus toen ik merkte dat één van hen bijna gps-achtige instructies gaf leek me dat wel ideaal en besloot ik me daar op te focussen. En op Maarten, die hielp met mijn benen stevig vasthouden en de sterke armen voorzag die ik nodig had om in bij te komen tussen elke perswee.

Na twintig minuutjes persen, wat gemakkelijk twintig seconden had kunnen zijn naar mijn gevoel, lag Lientje in mijn armen. Stilletjes. Paars. Niet responsief. Zwaar aan het ademen. De pediaters grabbelden haar weg en Maarten rende haar achterna, zijn ogen wild die van mij aan het zoeken. Terwijl mijn gynaecologe haar snit en naad vaardigheden boven haalde en mij een steekje hechting gaf en ik beviel van lien haar placenta, had ik helemaal geen idee wat er gebeurd was. Ik zag een gebruikte zuignap liggen en blijkbaar was ik in alle haast toch een heel klein beetje gescheurd.

Hii, this is Hubs writing. I was never been able to do much during the birthing part besides trying to remotely look like her rock and be scared to death at the same time. It’s not like the fire was a problem, growing up on a farm you kind of het used to stuff like that. The thing that was scaring me however is that Helen had suffered through so much during her pregnancy and that Baby Girl wasn’t coping well with delivery. She was born purple and non responsive which I didn’t realise because it was all happening so fast. They denied me cutting the cord -rude- and whisked her away after ten seconds, telling me to follow. I shot Helen a worried look but she was comfortably resting oblivious to all the worrying that was going on. I ran to follow them, almost losing them in the crazy haste. While they started helping our little Lien to breathe with a mask, I was asked to rub her warm and hold her hand. Boom – forever in love. I will never forget the way her little hand felt in mine.

Meanwhile she was still purple and wasn’t reacting to the doctors prodding her. They started to worry even more and we’re gonna do a saturation measurement for twenty minutes. To intubate or not to intubated was the question on everyone’s mind. Twenty minutes passed and she slowly started turning pink but still wasn’t doing much better. De doctor and I were just staring at her. Staring at each other. Unsure what to do. Remember Tzigane? The awesome midwive (go read up on my wife’s birth story)? She entered the room and saw our hesitant figures. Promptly she grabbed a tube and handed it to the doctor. Time to intubate and get her to the NICU. But that was not how baby girl saw her first night here, as the doctor tried to fit the tube through her nose she started to grunt and squirm. I couldn’t really tell you how she looked at that moment because my eyes were all blurry with happy tears! After a few quick measurements and a weigh-in.. we were all set to go cuddle with mommy!

Hoi, de wederhelft hier om mijn rol in Lientje haar verhaal te doen. Persoonlijk heb ik niet veel kunnen doen behalve doodsangsten uitstaan en er uit zien als een rots in de branding. Al het bloed, slijm en andere lichaamsvochten waren niet zozeer het probleem. (als je opgroeit op een boerderij heb je al veel gezien) Wat het meeste speelde in mijn hoofd was dat Heleen al zo veel had afgezien en Lientje haar hartje wat raar deed.

Soit. Kind er uit, paars, niet responsief. Dat had ik allemaal niet door omdat het zo snel gebeurde. Lientje heeft 10 seconden bij Heleen gelegen en dan knipten ze snel de navelstreng door zonder het te vragen! Onbeleefd, maar noodzakelijk zou bleek. Als snel nam de pediater Lientje mee en moest ik volgen. Na een ongeruste blik op Heleen, die nog zalig lag na te puffen, liep ik de gang op en was hen bijna kwijt. In het kamertje legden ze ons Lientje aan een beademingsapparaat. Waarom wist ik niet, maar ik mocht haar wel warm wrijven en haar handje vast houden. BAM, instant verliefd. Haar vingertjes die heel zachtjes in die van mijn knepen zal altijd één van mijn meest tederste herinneringen blijven.

Lientje was paars, ademde veel te snel en had niet geweend. Ze reageerde ook niet op al het porren en trekken van de pediaters. Artsen probeerden de saturatie in haar bloed te meten, maar dat verliep niet zo vlot omdat ze zo klein was. We moesten sowieso 20 minuutjes wachten om te zien hoe ze zou evolueren,. To intubate or not to intubate (en naar neonato)

Haar paars werd langzaam roze en net op dat moment kwam de gynaecoloog binnen met Heleen haar gsm: “Trek foto’s voor uw vrouw meneer”. En als de dokter iets zegt, doe je dat ook.

Na 25 minuten was de pediater aan het twijfelen. Ze was zichtbaar bezorgd omdat de resultaten onduidelijk waren. Op dat moment stonden we daar met ons 2 te staren naar de monitor die moest zeggen of er genoeg zuurstof in haar bloed zat. Tzigane kwam binnen en zag de impasse van de pediater en mijn vertwijfelde, ongeruste blik. De pediater vroeg zich of ze toch niet moest intuberen. Tzigane pakte een buisje (3mm want 3,5 is te groot) en de pediater probeerde het in haar neus te steken. Op dat moment besloot Lientje dat ze dat niet leuk vond want het buisje was nog veel te groot en begon te reageren. Haar eerste geïrriteerde kreuntjes en kresjes en de tranen sprongen in mijn ogen. De pediater was tevreden (uw kind weent, proficiat), niet in de couveuse en geen draden door haar neus. Tijd om te wegen en te meten! 2730 gram en 46cm later stonden we bij mama om voor de eerste keer met ons drie samen te knuffelen.

Tien minuutjes gingen voorbij en ik had gevraagd of ik de placenta even mocht zien. Die kreeg ik in een kom op mijn schoot. Twintig minuten gingen voorbij. Ik zat nog steeds alleen in mijn verloskamer, kansberekening aan het doen. Wat was de kans dat ik op mijn gezicht viel als ik nu van de tafel sprong en naar mijn dochter rende? Reëel, leek me, aangezien ik nog in mijn been kon knijpen zonder te knipperen. Dertig minuten gingen voorbij. Een dokter kwam voorbij om te zeggen dat Lien geïntubeerd zou worden om haar te helpen ademen en daarna zou opgenomen worden op de neonatologie. Maarten zou met haar mee gaan. Veertig minuten gingen voorbij. Maarten kwam trots als een otter binnen met onze dochter in zijn armen. Die dappere meid had intuberen toch wat overdreven gevonden en was stilletjes opgeknapt toen ze een poging deden.

Hoe cliché het ook is, mijn wereld was onmiddellijk twee keer zo groot en eventjes toch zo klein als ‘wij drie alleen’. Lientje was uitgeput maar wij mochten even genieten van ons kersvers gezin, voor de pediater terug kwam en ons toelating gaf boven te gaan verder knuffelen op onze eigen kamer. Om zes uur ‘s ochtends vielen Maarten en Lientje even in slaap maar ik lag verder te genieten.. van een knalroze zonsopgang boven Gasthuisberg. Het was mijn dochter haar verjaardag!

 

“Wat, een zwangerschapsvergiftiging?! En mijn placenta zag al wit?!”

1 Maart 2018, ik was moe zwak en misselijk. Ik tikte momenteel de 36 weken aan. “Het zal er wel bij horen”, dacht ik. Ik waggelde fluitend door mijn hele zwangerschap. Ja, ik was af en toe wat sneller moe, maar ik had geen echte geen klachten tot nu. Ik was kapot, volgens mijn vriend wilde ik nog teveel doen. “Neem nou eens rust”, zei hij elke dag. Ik vond het onzin. Het huis moest en zal nog schoner worden. Met de nesteldrang werd mijn poetsgedrag alleen maar erger. Maar ook al deed ik niks, de hoofdpijn en de vele hartkloppingen bleven en ik hield steeds meer vocht vast. Ik was tot nu maar acht kilo aangekomen. Het weekend ging voorbij en de klachten werden alleen maar erger. Ik ging mezelf maar eens wegen en ineens was er 10 kilo bij. Huh? Ik paste niks meer aan mijn voeten en ik voelde me echt beroerd.